Het internet in normaal Nederlands

De WebVakman blog over HTML is nog maar kort in ontwikkeling. Heb je vragen of suggesties? Stuur ons dan even een berichtje.

Wat is een HTML attribuut

Dingen, zoals auto’s en huizen, hebben bepaalde eigenschappen. Een auto heeft bijvoorbeeld de kleur rood, of blauw; het aantal deuren kan 2 of 4 zijn en ook het aantal wielen kan verschillen. Als je aan iemand zou vragen om een huis te bouwen zal je een omschrijving moeten geven van hoe het eruit moet zien gaan zien. Daarbij gebruik je ook bepaalde eigenschappen. Bijvoorbeeld ‘aantal muren’ of ‘daksoort’ om aan te geven of het een punt dak of een plat dak moet zijn. In HTML zien we een tag ook als een ‘ding’. De eigenschappen van een tag noemen we attributen.

Om aan je browser uit te leggen hoe een tag (zie: Wat is een HTML-tag) moet worden weergegeven op het scherm kan je aan de tag bepaalde attributen meegeven. Bijvoorbeeld het attribuut ‘hoogte’ of ‘breedte’. Een goed en gemakkelijk voorbeeld dat gebruikt maakt van kennis die je uit het vorige artikel al hebt is de tag waarmee je een hyperlink maakt. Een voorbeeld van een hyperlink vind je hieronder.

HTML

<a href="http://webvakman.nl" target="_blank">webvakman</a>
Resultaat
webvakman

In het voorbeeld hierboven zie je de HTML van een hyperlink. Een hyperlink maak je met de A-tag, maar met een A-tag alleen ben je er nog niet. Je moet ook een url meegeven waar je browser naartoe moet gaan als op de link klikt. Als je dat niet zou doen, dan ziet je tekst er wel uit als een hyperlink, maar gebeurt er niks als je erop klikt.

De URL geven we als attribuut mee aan de HTML-tag. Voor het meegeven van een URL aan een a-tag gebruiken we het href-attribuut. Hieronder zie je een voorbeeld van een incomplete hyperlink, dus zonder href-attribuut.

Op de rest van de site gebruiken we het Engelse woord “attribute” in plaats van het Nederlandse “attribuut”.
HTML

<a>webvakman</a>
Resultaat
webvakman

Je ziet dus dat het gebruiken van een attribute soms nodig is om werkende HTML te schrijven. Er zijn een aantal attributen die je kan gebruiken. Sommige van deze attributen gelden alleen voor bepaalde tags. Die kan je dan voor andere tags bijvoorbeeld niet gebruiken. (Het HREF-attribute kan je bijvoorbeeld niet gebruiken voor een img-tag.)

In voorbeeld 1 zie je dat er twee attributes zijn gebruikt. Het href-attribute en het target-attribute. Met het target-attribute geven we aan dat de link in een nieuw tabblad moet worden geopend. Als we het target-attribute weg hadden gelaten dan zou de link in plaats van deze pagina worden geladen. Een voorbeeld daarvan vind je hieronder. LET OP! Als je op de link in het resultaat van voorbeeld 3 klikt, dan kan je deze pagina opnieuw laden door op de terugknop van je browser te klikken.

HTML

<a href="http://webvakman.nl">webvakman</a>
Resultaat
webvakman

Voor het schrijven van attributen houden we de volgende regels aan:

  • We schrijven attributen altijd in de begin-tag. Niet in de sluit-tag.
  • De schrijfwijze van een attribuut is: attribuutnaam=attribuutwaarde. Meestal wordt de attribuutwaarde tussen aanhalingstekens gezet. Het maakt hiervoor niet uit of je ‘enkele aanhalingstekens’ of “dubbele aanhalingstekens” gebruikt. Meestal worden echter dubbele aanhalingstekens gebruikt.
  • Voor de namen van attributen kan je hoofdletters en kleine letters door elkaar gebruiken. (HREF is hetzelfde als Href, hRef of href). In de praktijk zie je dat eigenlijk altijd kleine letters worden gebruikt. Dit houd je HTML overzichtelijk en makkelijk leesbaar.
  • Voor de waarden van de attributen kan je ook hoofdletters en kleine letters door elkaar gebruiken. LET OP! Dit geeft wel andere waarden. Bij het id-attribute is een id met de waarde “product1” iets anders dan de waarde “Product1”. Ook voor de waarden van attributen worden zoveel mogelijk kleine letters gebruikt.

In HTML zijn veel verschillende attributes. Een overzicht van alle attributes vind je .